
Dichtregel uit het sonnet van Henriëtte Roland Holst waarvan de eerste regel luidt:
De zachte krachten zullen zeker winnen.
Gevonden door Sybrand in de Kerkstraat in Noordwijk
Henriëtte (Jet) Roland Holst-van der Schalk (1869 – 1952) groeide op in een welgesteld gezin. Ze ging naar en kostschool in Velp en studeerde Frans in Luik. In 1896 trouwde ze met beeldend kunstenaar Richard (Rik) Roland Holst (de oom van dichter Adriaan Roland Holst). Rond die tijd maakte ze kennis met dichter Herman Gorter die haar aanspoorde Das Kapital van Karl Marx te lezen. Ook werd ze politiek actief en schreef ze haar eerste politiek-filosofische stukken. Ze werd lid van de SDAP, waar ze al snel in het partijbestuur kwam. In 1900 werd ze afgevaardigd naar de Internationale en op internationale congressen maakte ze kennis met Karl Liebknecht, Rosa Luxemburg en Leon Trotski. Omdat haar opvattingen steeds meer richting marxisme gaan, stapt ze in 1911 uit de SDAP. Na enkele jaren partijloos te zijn geweest, werd ze lid van de in 1918 opgerichte CPN, die ze in 1927 weer verliet.
Al een aantal jaren voor haar huwelijk ontwikkelde ze haar talent voor de poëzie, dat rond 1890 een extra impuls kreeg toen ze kennis maakte met Albert Verwey, die haar weer in contact bracht met de Tachtigers, de dichters van De Nieuwe Gids. Ze publiceerde in het tijdschrift en Willem Kloos noemde haar op enig moment “de grootste dichter, die op ’t ogenblik leeft.” In 1896 debuteerde Roland Holst met de bundel Sonnetten en Verzen in Terzinen geschreven. Haar bekendste bundel is Opwaartse wegen (1907). Ook verzorgde Roland Holst de Nederlandse vertaling van het strijdlied De Internationale. Aan het einde van haar leven schreef ze haar autobiografie met de titel Het vuur brandde voort. Zowel in 1939 als in 1950 blijkt ze genomieerd te zijn geweest voor de Nobelprijs voor literatuur.
Het gedicht is opgenomen in de bundel Verzonken grenzen (1918).
Noordwijk was de geboorteplaats van Roland Holst. Ze groeide er op in De Lindenhof, vlakbij het Lindenplein, waar een portretbuste van Bertus Sondaar aan haar geboorteplek herinnert. De muurschildering werd gemaakt door Joke C. Bos.

Hetzelfde gedicht is door Sybrand ook gevonden in Amsterdam, waar het deel uitmaakte van Dichter bij de Oeverlanden. Helaas was het gedicht daar ontsierd door graffiti.


Geef een reactie