
Gedicht van Rutger Kopland
Gevonden door Noud Bles in de Surinamestraat in Den Haag
Rudi van den Hoofdakker (1934 – 2012) studeerde geneeskunde aan de Rijksuniversiteit Groningen. In 1959 legde hij zijn artsexamen af en in 1966 promoveerde hij op een proefschrift over slaapstoornissen. Hij ging aan de slag als psychiater en werd een autoriteit in depressiebestrijding door lichttherapie. In 1970 schreef hij een pamflet waarin hij zich sterk afzette tegen de autoritaire psychiatrie. Tussen 1981 en 1995 was hij in Groningen hoogleraar biologisch psychiatrie.
Naast zijn wetenschappelijke loopbaan was hij onder het pseudoniem Rutger Kopland actief als dichter. In 1966 debuteerde hij met de bundel Onder het vee. Een van zijn bekendste gedichten is Jonge sla uit zijn bundel Alles op de fiets (1970). Het gedicht zou later nog eens centraal komen te staan in een RVU-televisieprogramma over de onmogelijkheid van het vertalen van poëzie. Niettemin is Koplands werk in tal van vertalingen verschenen. Hij werd diverse malen voor zijn werk bekroond, waaronder in 1988 met de P.C. Hooftprijs voor zijn gehele oeuvre.
Dit gedicht is afkomstig uit de bundel Een lege plek om te blijven (1975).

Hetzelfde gedicht is te vinden in de Steile tuin in Park Sonsbeek in Arnhem. Het gedicht is daar geplaatst ter nagedachtenis aan Cees Kant.
