
Dichtregels van Ellen Deckwitz
Gevonden op de Oudegracht in Utrecht door Monique Marreveld
Ellen Deckwitz (* 1982) groeide op in Borne. Ze studeerde Nederlands in Groningen en deed een researchmaster Literatuur- en Cultuurwetenschap. In 2009 won ze het Nederlands Kampioenschap Poetry Slam. Terwijl ze al geregeld met haar gedichten te horen was op tal van festivals, debuteerde ze pas in 2011 met een bundel, De steen vreest mij. Het leverde haar de C. Buddingh’-prijs op voor het beste poëziedebuut
Naast gedichten schrijft Deckwitz ook columns, waarin het geregeld gaat over het lezen van poëzie. In 2015 verscheen Zo word je een geweldige dichter, een jaar later gevolgd door Olijven moet je leren lezen en in 2020 door Dit gaat niet over grasmaaien – Handboek voor de beginnende poëzieliefhebber. In 2024 werd Deckwitz voor twee jaar benoemd tot stadsdichter in haar woonplaats Amsterdam.
Samen met schrijver Joost de Vries en met Charlotte Remarque maakt Deckwitz de podcast Boeken FM, waarin ze telkens een boek bespreken.
De regels maken deel uit van De letters van Utrecht (letters 533 – 682), een oneindig gedicht waar elke zaterdag een letter aan wordt toegevoegd.
“De barsten in de Dom. Naar de hemel opgestoken als een wijsvinger, om de schuldigen aan te duiden en meer tijd te eisen. Zodat we weer rechtop kunnen gaan, als mensen langs de Gracht.“

Geef een reactie